Binnenkort met pensioen? Dit kunt u kiezen

Gaat u bijna met pensioen? U kunt ervoor kiezen om uw pensioen helemaal of volledig te laten ingaan vanaf het moment dat u met pensioen gaat. Maar dat hoeft niet. Pensioenregelingen zijn flexibel, dus u kunt zelf keuzes maken.

De AOW gaat voor iedereen in op de wettelijk vastgestelde datum. Daarin heeft u niets te kiezen. Maar in het pensioen dat u bij uw werkgever heeft opgebouwd, heeft u wel verschillende mogelijkheden. U kunt bijvoorbeeld zelf voor een andere pensioendatum kiezen en de hoogte van het pensioen aanpassen. Een keuze maken kan maar één keer. Als u die keuze eenmaal heeft gemaakt, kunt u daar niet meer op terugkomen. Daarom is het belangrijk om vooraf informatie te verzamelen en goed na te denken over uw keuze.

Zelf vergelijken

Op de websites van de meeste pensioenfondsen kunt u verschillende mogelijkheden bekijken en berekenen wat ze voor u betekenen. Dan ziet u hoeveel pensioen u krijgt als u bijvoorbeeld later met pensioen gaat of als u met deeltijdpensioen gaat. Deze berekeningen zijn het meest betrouwbaar als u ze doet als de pensioendatum dichtbij is.

Ook kunt u bij uw pensioenfonds vrijblijvend een offerte aanvragen. Dan rekent het pensioenfonds uit hoeveel pensioen u in een bepaalde situatie krijgt. Dat heeft als voordeel dat u de informatie dan zwart op wit heeft. Een offerte kunt u meestal pas aanvragen vanaf een half jaar voor uw pensioendatum.

Pensioen uitstellen

U mag uw pensioen uitstellen tot maximaal vijf jaar na uw AOW-datum. Als u uw pensioen uitstelt, krijgt u een hoger pensioen. Dat komt doordat het pensioenfonds pas later begint met uitkeren en de uitkeringsperiode dus korter wordt.

Misschien wilt u niet alleen uw pensioen uitstellen, maar ook langer blijven werken. Hiervoor heeft u toestemming nodig van uw werkgever. Als u blijft doorwerken in uw oude baan, kunt u ook na uw AOW-leeftijd pensioen blijven opbouwen. Daardoor gaat uw pensioen nog meer omhoog.

Hoog-laagpensioen

Als u wilt, kunt u in de eerste jaren na uw pensionering een hoger pensioen ontvangen en in de jaren daarna een lager pensioen. Een hoog-laagpensioen is een goede oplossing als u wilt stoppen met werken voordat u AOW krijgt. Het hogere pensioen maakt het gemis van de AOW-uitkering in de eerste jaren goed.

Vanaf het moment dat u AOW krijgt, kunt u het lagere pensioen laten ingaan. Zo kunt u ervoor zorgen dat uw netto inkomen voor en na de AOW-leeftijd ongeveer hetzelfde is. Een hoog-laagpensioen is ook handig als u denkt dat u in de eerste jaren na uw pensionering meer geld nodig heeft dan daarna, bijvoorbeeld als u wilt reizen.

Laag-hoogpensioen

Een laag-hoogpensioen kan ook. Misschien heeft u in de eerste jaren na uw pensionering genoeg aan een lager pensioen, bijvoorbeeld omdat uw partner nog wel werkt. Op het moment dat u allebei stopt met werken, laat u het hogere pensioen ingaan.

Deeltijdpensioen

Deeltijdpensioen betekent dat uw pensioen gedeeltelijk ingaat, terwijl u blijft werken. U gaat bijvoorbeeld een of twee dagen per week minder werken. Over die dagen krijgt u pensioen. Over de dagen dat u wel werkt, krijgt u salaris en blijft u pensioen opbouwen. Als uw werkgever het goed vindt, kunt u ook na uw pensioenleeftijd in deeltijd blijven werken en deeltijdpensioen blijven ontvangen.

Het voordeel van deeltijdpensioen is dat u niet van de ene op de andere dag hoeft te stoppen met werken en dat u het voor uw officiële pensioendatum al een beetje rustiger aan kunt doen.

Partnerpensioen inruilen

Misschien heeft u niet alleen ouderdomspensioen opgebouwd voor uzelf, maar ook een nabestaandenpensioen voor uw partner. Als uw partner zelf voldoende inkomsten heeft en geen behoefte heeft aan een partnerpensioen, kan het een goed idee zijn om dit partnerpensioen in te ruilen voor een hoger ouderdomspensioen. Uw partner moet hier dan schriftelijk mee akkoord gaan.

Als u geen partner heeft en wel partnerpensioen heeft opgebouwd,  kunt u dit partnerpensioen inruilen voor een hoger ouderdomspensioen.

Zorgen voor partnerpensioen

Bij steeds meer pensioenfondsen is het partnerpensioen op risicobasis verzekerd. Dan heeft u niets opgebouwd en kunt u niets ruilen. Bij een partnerpensioen op risicobasis krijgt uw partner alleen een partnerpensioen als u overlijdt voordat u met pensioen gaat. Niet als u overlijdt als u al met pensioen bent. Daarom kan het bij een partnerpensioen op risicobasis verstandig zijn om op de pensioendatum een deel van uw ouderdomspensioen te ruilen voor een partnerpensioen. Dan gaat uw ouderdomspensioen 10 of 20 procent omlaag. In ruil daarvoor ontvangt uw partner een partnerpensioen als u overlijdt.