Dag ziekenhuis, fijn naar huis! Maar wat moet u daarvoor regelen?

Als uw partner, vader of moeder in het ziekenhuis ligt, bent u waarschijnlijk erg blij als hij of zij weer naar huis mag. Maar vaak volgt er thuis nog herstelperiode, waarbij extra zorg en hulpmiddelen nodig zijn. Met deze checklist bereid u zich daar goed op voor.

Als de persoon voor wie u zorgt na een ziekenhuisopname naar huis mag, staat u er als mantelzorger niet alleen voor. De transferverpleegkundige van het ziekenhuis gaat u helpen. De transferverpleegkundige regelt de juiste nazorg, bijvoorbeeld thuiszorg. Is er medische apparatuur nodig, zoals zuurstof- of vernevelapparatuur, een infuuspomp of een voedingspomp? Ook dat regelt de transferverpleegkundige, als de arts hiervoor een indicatie heeft gegeven.
Heeft u meer hulp nodig bij het regelen van zorg? Dan kunt u ook hulp vragen aan uw zorgverzekeraar. Alle zorgverzekeraars hebben zorgbemiddelaars in dienst, die kunnen helpen bij het vinden van thuiszorg bijvoorbeeld.

Hulpmiddelen regelen

Deze hulpmiddelen kunt u nodig hebben. U vindt ze bij de thuiszorgwinkel.
  • Loophulpmiddelen, zoals een rollator, krukken, een looprek, wandelstok of een drie- of vierpoot.
  • Een rolstoel.
  • Hulpmiddelen om naar de wc te gaan, zoals een urinaal, een po of een postoel. Een urinaal moet u zelf kopen. Een po of postoel kunt u ook huren.
  • Een douchestoel.
  • Een ziekenhuisbed in de woonkamer omdat de slaapkamer boven is of omdat iemand in bed moet worden verzorgd door de thuiszorg. De transferverpleegkundige maakt de indicatie voor een ziekenhuisbed.
Loophulpmiddelen worden niet vergoed door de basisverzekering, soms wel door een aanvullende zorgverzekering. Andere hulpmiddelen die u kunt lenen bij de thuiszorgwinkel, worden vergoed door de zorgverzekeraar als u ze maximaal 26 weken nodig heeft. Het lenen van een ziekenhuisbed wordt alleen vergoed als het bed nodig is voor de verzorging door de thuiszorg.

Verzorging en verpleging

Als de persoon die uit het ziekenhuis komt zichzelf niet kan verzorgen, dan moet hij of zij daar hulp bij krijgen. Voor persoonlijke verzorging en verpleging komt de wijkverpleging. De transferverpleegkundige vraagt die voor u aan. De wijkverpleging kan beginnen op dezelfde dag dat de persoon uit het ziekenhuis thuisgekomen is.

Wassen en aankleden

De wijkverpleging kan ook helpen bij wassen en aankleden. Als de persoon die uit het ziekenhuis komt al een beetje voor zichzelf kan zorgen, kan het ook handig zijn om hulpmiddelen te gebruiken, bijvoorbeeld washandjes waarvoor u geen water nodig heeft en hulpmiddelen voor het aantrekken van sokken en schoenen.

Het huis schoonhouden

Woont u in hetzelfde huis als de persoon die uit het ziekenhuis komt? Dan wordt van u verwacht dat u gebruikelijke zorg geeft. Schoonmaakwerk en zorgen voor het eten hoort daar ook bij. Woont uw naaste alleen of kunt u zelf niet alles doen? Dan kunt u huishoudelijke hulp aanvragen bij de gemeente. De gemeente kijkt dan of er echt hulp nodig is en hoeveel. Als de gemeente vindt dat u hulp nodig heeft, dan vergoedt de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) de kosten. U betaalt alleen een eigen bijdrage.
Het kan een paar weken duren voordat uw huishoudelijke hulp begint. Reken er dus op dat u de eerste tijd anderen nodig heeft om te helpen. Vraag aan vrienden, familie en buren of zij tijd hebben om kleine klusjes in huis te doen. Of zoek een tijdelijke particuliere hulp.

Eten en drinken

Kan de persoon voor wie u zorgt niet zelf ontbijt en lunch maken en geen thee of koffie zetten? Dan is het fijn als er iemand in de buurt is die dat kan doen. Ook is het belangrijk om ervoor te zorgen dat uw naaste genoeg drinkt. Als u in hetzelfde huis woont en gezond bent, kunt u zelf waarschijnlijk veel doen. Maar u kunt hiervoor ook hulp vragen aan anderen, bijvoorbeeld buren of vrienden die in de buurt wonen. Of zoek een vrijwilliger die kan helpen. Als de thuiszorg komt, kan die natuurlijk ook een boterham smeren en een kopje thee maken.
Kunt of wilt u niet iedere avond koken, dan kunt u ook maaltijden laten bezorgen. Als zelf koken niet lukt, kunt u een vergoeding van de gemeente krijgen voor een maaltijdservice aan huis. Woont u in hetzelfde huis en kunt u wel zelf koken, maar wilt u graag wat meer gemak? Dan kunt u kant-en-klaarmaaltijden of luxere maaltijden laten bezorgen.

Medicijnen

Na een ziekenhuisopname moet iemand vaak nog verschillende medicijnen gebruiken. Kan uw naaste die niet zelf innemen of niet zelf medicijnen beheren, dan kan de wijkverpleging hierbij helpen. Voor mensen die zelfstandig zijn, maar wel een beetje hulp kunnen gebruiken zijn er verschillende hulpmiddelen bij het innemen van medicijnen, zoals een medicijndoos met alarm of een medicijndispenser. Moet u voor uw naaste medicijnen ophalen bij de apotheek? Dan moet hij of zij daar eerst toestemming voor geven.

Alarmknop

Als de persoon voor wie u zorgt weleens alleen thuis is, kan het fijn zijn om een alarmknop bij het bed te leggen. Daarmee kan hij of zij met één druk op de knop hulp inroepen van een mantelzorger of van een professionele zorgcentrale. U kunt zelf bepalen wie als eerste wordt gealarmeerd bij een druk op de knop. Misschien betaalt de gemeente of de zorgverzekeraar mee aan het personenalarm.

Nachtzorg

Woont u niet in hetzelfde huis met uw naaste, dan kan het verstandig zijn om nachtzorg te regelen. Bespreek dit met de wijkverpleging. Als uw naaste een alarmknop heeft, kunt u deze ook koppelen aan een contactpersoon in de buurt, die als eerste even kan komen kijken.

Wat gaat u zelf doen?

Als mantelzorger wilt u misschien de eerste periode graag veel zelf voor uw naaste zorgen. Als u een baan heeft, kunt u met uw werkgever bespreken of u hiervoor zorgverlof kunt krijgen. In bepaalde situaties heeft u hier recht op.
Als uw naaste veel zorg nodig heeft, kan het erg zwaar zijn om die zorg alleen op u te nemen. Denk er daarom goed over na wat realistisch is en welke hulp u nodig heeft.
Kunt u er niet altijd zijn voor uw naaste, bijvoorbeeld omdat u verder weg woont? Dan kunt u toch op afstand veel betekenen, bijvoorbeeld via de telefoon of tablet en door contact te houden met andere helpers in het netwerk van uw naaste.