De seniorenwoning

De meeste seniorenwoningen zijn gelijkvloers. U woont er zelfstandig en regelt zelf hulp en verzorging. U kunt een seniorenwoning kopen of huren.

Seniorenwoningen zijn geschikt voor mensen van 55 jaar of ouder. Welke woningen dat zijn, bepalen gemeenten, woningcorporaties en makelaars. Andere namen voor seniorenwoningen zijn levensloopbestendige woningen of nultredenwoningen. Er zijn geen landelijke regels, maar meestal zijn seniorenwoningen gelijkvloers. Ook zijn ze zonder trap bereikbaar en hebben ze brede gangen en deurposten. Handig voor als u een rollator heeft, of in een rolstoel zit.

Leeftijdsgrens

Veel gemeenten hebben een leeftijdsgrens bepaald voor het huren van een seniorenwoning. Die grens verschilt per gemeente en ligt op 55, 60 of 65 jaar. Er zijn ook gemeenten die seniorenwoningen aanbieden aan alle woningzoekenden. Dus ook aan jongere mensen. Voor koopwoningen geldt bijna nooit een leeftijdsgrens.

Wat is de huurprijs?

Een sociale huurwoning kost minimaal 500 euro per maand. In de stad kan de prijs oplopen tot meer dan 700 euro. Maakt de woning deel uit van een complex? Dan betaalt u meestal ook servicekosten. Bijvoorbeeld voor het gebruik van de lift en het schoonhouden van de gemeenschappelijke ruimtes. In de vrije sector kost een huurwoning meer dan 720,42 euro per maand (2019). De prijzen zijn heel verschillend. Hoe groter de woning, hoe duurder. Ook de ligging speelt een rol bij de prijs.

Sociale huurwoning

deal

Komt u in aanmerking voor een sociale huurwoning? Dat hangt af van uw inkomen. Het gezamenlijke (belastbaar) inkomen mag niet hoger zijn dan 38.035 euro (2019). Vaak heeft u ook een huisvestingsvergunning nodig. En u moet ingeschreven staan bij de organisatie die de woningen verdeelt. Meestal is dit een woningbouwvereniging.

Heeft u een zorgindicatie en recht op minimaal 10 uur zorg per week? Dan geldt de inkomensgrens niet. U maakt ook kans als u een inkomen heeft dat net boven de grens ligt. Woningcorporaties mogen 10 procent van hun sociale woningvoorraad verhuren aan mensen met een middeninkomen tussen 38.035 euro en 42.436 euro (2019). Informeer in uw gemeente naar de mogelijkheden.

Huurtoeslag

Heeft u een laag inkomen, dan kunt u mogelijk huurtoeslag krijgen. Ontvangt u AOW en woont u alleen? Dan is de inkomensgrens voor huurtoeslag 22.675 euro per jaar (2019). Heeft u een toeslagpartner, bijvoorbeeld uw echtgenoot of echtgenote? En ontvangt de meestverdienende AOW? Dan is de gezamenlijke inkomensgrens 30.800 euro per jaar (2019). Bovendien mag u niet meer dan 30.360 euro eigen vermogen per persoon hebben. Tot uw vermogen hoort onder meer spaargeld, aandelen en een vakantiehuis. Ook vermogen dat u hebt in het buitenland telt mee. Heeft u een vermogen dat hoger is dan de vrijgestelde bedragen? Dan krijgt u geen huurtoeslag. Meer informatie vindt u op toeslagen.nl. Daar kunt u ook een proefberekening maken.

Andere gemeente

Veel gemeenten werken samen. Dat betekent dat u ook mag reageren op aanbod in een andere plaats dan waar u woont. U kunt zelfs verhuizen naar een ander deel van het land. Bijvoorbeeld in de buurt van uw kinderen. In elke gemeente zijn de regels anders. Informeer bij de gemeente van uw keuze. 

Zie ook:
Woningnet werkt samen met ruim honderd corporaties, verhuurders en gemeenten. Via deze website vindt u koop- en huurwoningen, zowel in de vrije als de sociale sector. Ook op Woonz.nl vindt u het aanbod in uw regio.